Ga naar hoofdinhoud

George Berkeley

1685–1753 · empirisme

Berkeley was een Ierse bisschop die het empirisme serieuzer nam dan de empiristen zelf — en daarmee op een conclusie uitkwam die nog altijd verbaast.

Kernidee: zijn is waargenomen worden

Locke had gezegd dat secundaire eigenschappen als kleur en smaak alleen in de waarnemer bestaan, maar dat primaire eigenschappen als vorm en omvang in het voorwerp zelf zitten. Berkeley vroeg zich af hoe Locke dat eigenlijk wist.

Want probeer maar eens de vorm van een tafel vast te stellen zonder hem te zien of te voelen. Het lukt niet. Alles wat je over een voorwerp kunt zeggen, komt via een waarneming bij je binnen — ook zijn omvang en zijn vorm. Dus, concludeerde Berkeley, bestaan ook de primaire eigenschappen niet buiten de waarneming om.

Wat blijft er dan over van de tafel als niemand kijkt? Niets, zegt Berkeley: "zijn is waargenomen worden" (esse est percipi). Er is geen stoffelijke wereld achter onze ervaringen; er zijn alleen geesten en hun waarnemingen. Die opvatting heet idealisme. Dat de wereld niet verdwijnt zodra jij je ogen sluit, verklaarde hij door God als altijd aanwezige waarnemer.

Wat je hieraan hebt bij je eigen onderzoek

Je hoeft de conclusie van Berkeley niet te geloven om zijn punt bruikbaar te vinden: je hebt nooit rechtstreeks toegang tot "de werkelijkheid zelf", alleen tot je waarnemingen ervan. Dat is precies waarom intersubjectiviteit het haalbare doel van onderzoek is en volledige objectiviteit niet.

Je kunt je eigen waarneming niet buiten jezelf controleren — maar je kunt hem wel zo vastleggen dat anderen hem kunnen overdoen. Een observatieschema is niets anders dan dat: een manier om jouw waarneming toetsbaar te maken voor iemand anders.

Hangt samen met

  • Empirisme — de stroming die Berkeley tot het uiterste doorvoerde
  • Locke — wiens onderscheid hij overnam en vervolgens omverwierp
  • Intersubjectieve kennis — het antwoord van de wetenschap op dit probleem