Kwalitatief onderzoek
Bij kwalitatief onderzoek verzamel je gegevens in woorden: wat mensen vinden, voelen, meemaken — en vooral waarom. Je ondervraagt minder mensen, maar je gaat de diepte in. Kwaliteit = aard, hoe iets is.
Voorbeelden
- Een interview met vijf leerlingen over waaróm ze de aula mijden in de pauze.
- Open vragen in een enquête: "Wat zou jij veranderen aan de fietsenstalling?"
- Meekijken terwijl testers je app gebruiken en ze hardop laten denken: waar haken ze af, en wat verwart hen?
Sterk en zwak
Sterk in: begrijpen. Je ontdekt verklaringen, motieven en ideeën waar je zelf nooit aan gedacht had. Voor ontwerpgericht onderzoek is dit goud waard: zo leer je wat je doelgroep écht nodig heeft.
Met vijf interviews kun je niet zeggen dat "de meeste leerlingen" iets vinden — daarvoor is je groep te klein en niet representatief genoeg. Kwalitatieve resultaten generaliseren dus slecht (lage externe validiteit). En let op je eigen kleuring: vat antwoorden eerlijk samen, ook als ze je niet uitkomen — dat vraagt de spelregel transparant.
Uit interviews blijkt dat de rij en het aanbod de grootste ergernissen zijn — verklaringen in woorden.
Turven hoeveel leerlingen in de rij staan — dat zijn cijfers: kwantitatief.
Hangt samen met
- Kwalitatief vs. kwantitatief — het verband tussen beide soorten gegevens
- Interview — de methode die vooral woorden oplevert
- Verklarend-explorerend — de functie waar kwalitatief onderzoek bij uitblinkt